Technische fiche
Lees meerLees minder- Locatie
- Gent
- Datum
- 2022 - ...
- Klant
- particulier
- Budget
- hoger segment
- Oppervlakte
- 220m² bruto
- Duurzaamheid
- Biodiversiteit, warmtepomp, zonnepanelen, thuisbatterij, grijswaterrecirculatie, regenwaterrecirculatie.
- Partners
- Stabimi (stabiliteit), Struktuur (EPB en VC)
- Status
- Uitvoeringsdossier
- Uitvoerder
- Builthings
Reiken II (tweezicht)
Renovatie van een historisch herenhuis met twee gezichten, geen achterbouw en ruimte voor water, plant en dier.
Het water en de straten snoeren zich samen; het bouwblok zit erin verstrikt, biedt nog weerstand, maar laat zich dan toch ook wel wat samendrukken. De perceelsgrenzen laten zich tonen als een gebroken spiegel: kleine fragmenten, scherpe hoeken en onlogische verspringingen. Daar staat het huis op. Het huis lijkt zijn kleine grondoppervlakte te compenseren in de hoogte: het telt vijf volwaardige verdiepingen. Voorbij de historische achtergevel is de weinige restruimte verder dichtgeslibt in vele bouwfases. Alsof het gevecht tegen de dense bebouwing van buren alleen maar gewonnen kon worden door meer te bouwen.
Het omgekeerde wordt gedaan. Als dat huis al zo groot is, heb je dan werkelijk nog die achterbouwsels nodig? Letterlijk alles voorbij de historische achtergevel gaat tegen de vlakte. Steen, beton en hout ruilt er voor aarde. Voor het eerst sinds de bouw van de woning in 1920 wordt het perceel onthard. Er komt een stadstuin met wilde begroeiing voor mens, dier, plant en water. De woning zelf wordt verticaal georganiseerd. Gestapeld wonen. Hiervoor wordt een voormalig gesupprimeerde trapopening open gemaakt en terug in gebruik genomen. De keuken vind zijn historische plaats terug, in de souterrain. De bel etage krijgt een doorbreking van tussenmuur en spant zich even op van perceelsgrens tot perceelsgrens. Hier kan je ook nog even uit het gebouw; als de boeg van een schip kraagt een klein terras uit. Daarboven gestapeld de masterbedroom, badkamer en kinderkamers. Helemaal bovenaan eindigt de trap waar die al steeds eindigt: de zolder. Alle zware houten onderdelen zijn zichtbaar, het dakpakket ligt er op aan de buitenzijde. Er zijn een aantal openingen in de dakschil: een dakraam voor nachtkoeling; een dakraam om naar de boekentoren te kijken; en een inpandig terras voor de avondzon en het uitzicht op de torens.
Als er geen achterbouwsels zijn laat de tekening van de achtergevel zich vormen door zijn eigen compositorische tekening. Het schrijnwerk tussen traphal en leefruimtes verspringt wat. Verschillende banden binden de delen aan elkaar. Een blauwe band als plint. De zwaardere poot op de grond. Daarboven een gele band. Een wit lijf. Een gele kroon. De kroon bolt naar buiten en vormt een nodige bakgoot. Alle nodige lijnwerk -zoals buitenschrijnwerk en balustrades- worden voorzien in een complementair roze. De ramen in de leefruimte zitten allen vooraan in de geveldikte, zo kan de dikte van de muur langs de binnenkant gebruikt worden. De ramen in de gang zitten allen achteraan de geveldikte, zo leggen ze zichzelf in de schaduw bij zomerhitte.






Meer van dat?
Zie ook project Reiken, Reiken III, Reiken IV (Babylon) of Reiken V (Frugaal)